vrijdag 31 mei 2013

Oefenen voor een andere tijd


"Oefenen voor een andere tijd" is een titel die klopt. Vinden we in de Noord Oost Brabantse Bibliotheken, Een zin die perfect aansluit bij alle gedachten die de afgelopen maanden voorbij kwamen. Als het ware samenbalt. Een titel die op verschillende niveaus kan worden 'gelezen'.
Wat staat er feitelijk? Waar wordt aan gerefereerd? Wie moet er oefenen? Wat behelzen die oefeningen? Waarom zou er geoefend moeten worden? Hoe lang? Waar? Op wiens orders? Welke tijd? Tijden? Are the times a-changin'?
Deze titel sluit aan bij eerdere jaarthema-titels. Enkele jaren geleden formuleerden we als bibliotheek een tiental criteria waar een titel voor een programma wat ons betreft aan zou moeten voldoen.

Een lang artikel!!
Hieronder een poging om de titel, het thema uit te leggen aan de hand van deze tien criteria:
1. Moet gebaseerd zijn op analyse
2. Welke tendensen zijn zichtbaar
3. Het zit vooraan in de bekende golf
4. Moet vanuit verschillende kanten belicht kunnen worden
5. Sluit aan bij vorige thema's
6. Moet prikkelend zijn, vragen oproepen
7. Een aansprekende titel
8. Toont de verschuivende panelen van het bibliotheekwerk
9. Lokale verandering
10. Lol aan beleven

Sluit aan bij vorige thema's
"Oefenen voor een andere tijd" is de titel voor de tiende reeks lezingen die door de Openbare Bibliotheek Oss op de derde zondagmiddag van de maand in de Groene Engel in Oss in het seizoen 2013-2014 wordt georganiseerd. Die bibliotheek in Oss maakt sinds juli 2004 deel uit van BasisBibliotheek Maasland (BBM) en sinds begin dit jaar van de Noord Oost Brabantse Bibliotheken (NOBB).
Sinds 2008 worden rondom zo'n jaarthema niet alleen lezingen in de Groene Engel georganiseerd maar ook andere activiteiten in een of alle andere vestigingen van de BBM of NOBB.
Op deze plek zou een betoog opgezet kunnen worden dat alle tien thematitels bij elkaar horen. Dat er een rode lijn in zit. Die er in zít, maar dat zou té veel woorden en uitleg kosten. Dus wordt hier nu volstaan om de laatste drie thema's/titels nader te duiden in relatie tot "Oefenen voor een andere tijd".

Tijd voor een nieuwe lente
In 2010-2011 werd gekozen voor Tijd voor een nieuwe lente. We waren het gesomber in ons land en het Westen beu; samen met veel anderen. Burgers snakten naar ietwat meer optimisme, schouders eronder, weg van de tijd waarin velen bezig waren zondebokken te vinden, te blamen. Trendpsycholoog Tom Kniesmeijer had al in 2009 daarover een boek geschreven (De seizoenen van de tijdgeest : herkenbare patronen in heden, verleden en toekomst van Nederland) en sprak dat jaar als eerste in de reeks. Alleen had hij het verkeerd. Die lente brak dat jaar niet aan en feitelijk snakken we er NU nog steeds naar. Alhoewel er - dat wel - vele signalen zijn van 'een andere tijd'. Change komt echter vooral van onderaf, dat wel. Maar daarover later meer.

Who's in control?
Het volgende seizoen werd door ons de vraag Who's in control? opgeworpen. Wie is er de baas? In de samenleving (regering, bedrijven, Europa, NGO's, de reclamewereld enzovoorts), je eigen hoofd (ik? mijn onbewuste?) of van de toekomst (waarin wetenschap en technologie alsmaar door zullen denderen en ongevraagd een lading nieuwe apps over ons uit zullen storten)?
De kern van dat jaar werd ongewild mooi verwoord door de Amerikaanse singer-songwriter Gretchen Peters op haar cd Hello cruel world. In het liedje Idlewild komen de regels They think we're driving / I know we're drifting voor. Iedereen denkt (zich) zelf te sturen, maar feitelijk worden we als mens geregeerd door ons onbewuste, onze impulsen. We zijn in tegenstelling tot wat velen denken geen homo economicus of een rationeel wezen. Forget it! We doen maar wat en nemen zelden rationele beslissingen.
Een andere reden om voor dit thema te kiezen was ook de constatering dat er wel heel erg veel boeken verschenen waarin voor leken geprobeerd wordt recente inzichten over hersenonderzoek uit te leggen. En de discussie die ontstond rondom de (erg boude) titel en inhoud van het boek Wij zijn ons brein van Dick Swaab. Dus werd een blog in de lucht gebracht waarop meerdere artikelen over dit onderwerp werden geplaatst.

Een vuurtoren en echte waarde(n)
Op een zondagmiddag in januari 2011 reikte hoogleraar sociale psychologie Roos Vonk (die toen we haar uitnodigden nog geen last had van de affaire Stapel) een gedachte aan, die enige maanden later mede leidde tot de titel van het nieuwe seizoen. Aan het eind van haar verhaal gaf ze aan dat elk mens naar een aantal (zeg drie) waarden probeert te leven. Ieder kiest andere, maar links- of rechtsom heeft iedereen een soort intern kompas waarop gevaren wordt. En waar je naar kijkt als het verkeerd gaat, er problemen zijn, keuzes gemaakt moeten worden. Dat kompas formuleerde ze als een vuurtoren.
Die aan vaste wal altijd haarguiding light uitstraalt. Ook als het leven ('op zee') hectisch verloopt ('woeste baren'). Ze bedoelde dat je op moeilijke momenten naar je eigen waarden moet blijven kijken (wat doet er voor MIJ in the end écht toe) en op basis daarvan maak je in je bootje een keuze die daarmee consistent is. Waarden zijn anders als normen. Normen zijn regels, en als je die negeert (of er tegen in gaat) dan voel je jezelf bezwaard, terwijl als je waarden als kompas neemt dan kun, zul en/of mag je af toe zondigen. Want je weet dat je tóch naar die waarden terug zult keren en daarna probeert te leven.


MBA Oath
Dat beeld van die vuurtoren werd even later bevestigd toen na wat googlen de zogenaamde MBA Oath werd gevonden. Het voornemen van jonge, aankomende directeuren die vonden dat ze als toekomstige leidinggevenden ander gedrag moesten gaan vertonen als hun voorgangers. Die volstrekt laakbaar gedrag hadden getoond in de financiële crisis van 2008 en daarna.
De MBA Oath 2011 is een filmpje op YouTube, dat probeert die eed in beeld te pakken. Beelden van de kunstenaar Antony Gormley worden gemixt met enkele quotes uit die MBA Oath. Een prachtig filmpje, met aan het eind een cruciale zin: create real value.
Dat is de kern van de toekomst: alleen bedrijven, instellingen, organisaties óf privé personen die in staat zijn real value te creëren of laten ontstaan hebben de toekomst. En zijn in control! Voilá: echte waarde(n).


In die titel zitten natuurlijk de begrippen waarden én waarde opgesloten. En een subjectief iets: "echte". Daarmee implicerend dat er ook onechte of mindere waarde(n) zijn. Dat staat haaks op een traditie van jaren waarin het niet langer geoorloofd was om van iets aan te geven dat het beter (mooier) was als iets anders. De tijdgeest is aan het kantelen. Althans, dat zit ook in die titel opgesloten.

Lezers van Stavast
In de periode dat het jaarthema Echte waarde(n) langzaam ontstond werd ook een ander initiatief opgestart, Lezers van Stavast. Achteraf kun je stellen dat ze verwant zijn, maar dat was in het voorjaar van 2012 (nog) niet de bedoeling. Het plan was om een veertigtal mensen rondom de bibliotheek te 'verzamelen' die zichzelf de taak zouden opleggen om gedurende veertig weken elke week één non-fictie boek te gaan lezen. Titels over een drietal thema's (feitelijk de titels zoals hierboven genoemd bij Who's in control?) aangevuld met het thema Echte waarde(n). En elke vier weken bijeenkomsten waarin de Lezers van Stavast met elkaar konden praten over de gelezen boeken.
Eind mei 2013 zitten we aan het eind van het eerste seizoen. Op veler verzoek wordt in het najaar van 2013 een nieuwe 'ronde' opgestart. En gaan deelnemers (oude én nieuwe) wederom boeken rondom enkele thema's lezen. Thema's die een relatie met "Echte waarde(n)" en "Oefenen voor een andere tijd" hebben. In september 2012 startte de groep met een 80-tal titels. Eind mei 2013 is de lijst aangegroeid tot ruim 160 stuks. Er wordt - mits je er oog voor hebt - veel geschreven over deze onderwerpen. En - voorspelling - dat zal nog wel even door blijven gaan.

Overgangsfase
De reden daarvoor is dat we als samenleving midden in een overgangsfase zitten. We laten een oud, versleten, niet langer optimaal werkend 'systeem' achter en bewegen naar een andere model. Alleen is nog lang niet duidelijk hoe dat er uit zal zien. Kortom: een debat, een almaar doorgaande stroom meningen van uiteenlopende mensen. Vanuit vele disciplines, maatschappelijke sectoren, individuen. Spannend. Maar ook verwarrend. 'Dé' waarheid, 'de' oplossing is er niet, maar centraal staat (in onze notie) dat alleen degenen die in staat zijn waardevolle 'dingen' te maken zullen overleven. Dat is meer dan wensdenken. Er zal echter geen Mozes van de berg afdalen met in zijn handen tien nieuwe geboden. Alhoewel hoogleraar transitiekunde Jan Rotmans denkt dat hij met 5 (vijf!) kantelaars aan zijn zijde genoeg kracht kan mobiliseren om in Nederland een echte draai te kunnen realiseren.

Enkele boeken
Op de lijst voor de eerste Lezers van Stavast-groep zijn enkele boeken terecht gekomen die een relatie hebben met het nieuwe jaarthema. Aan de ene kant zijn het boeken waarin redelijk optimistisch naar de (iets verdere) toekomst wordt gekeken. Aan de andere kant zijn er de afgelopen maanden enkele boeken uitgekomen waarin geprobeerd wordt te analyseren waarom zo veel mensen bezwaard door het leven gaan. Ook kwam onlangs de vertaling uit van een boek waarin als het ware beide kanten (optimisme én pessimisme) samenkomen. En een pleidooi gehouden wordt voor een bepaalde richting.

Een wereld vol abundance
Ray Kurzweil en Kevin Kelly hebben een grenzeloos vertrouwen in wetenschap en de daarmee samenhangende technologie. Beiden (wetenschap én technologie) trekken samen op. In een steeds sneller tempo en daardoor zullen binnen enkele decennia veel van onze huidige problemen oplossen. Kurzweil is het meest uitgesproken. Hij voorziet dat de groei exponentieel zal worden en dat we tegen 2050 in staat zullen zijn het menselijke brein te uploaden naar een computer, waardoor we op een bepaalde manier als mens onsterfelijk zullen worden. Kevin Kelly spreekt zich niet zo stellig uit, maar hij maakt wel aannemelijk dat niets deze trend(s) kan stoppen. 'De technologie' is als het ware een wezen geworden, dat almaar doordendert. Los van de boodschap uit De wil van technologie is het ook nog een van de mooiste boeken van de literatuurlijst voor de Lezers van Stavast. Er verschijnen meer boeken die deze visie onderstrepen. Maar (helaas) worden niet alle interessante boeken vertaald. Peter Diamandis' Abundance ('Overvloed') is zo'n boek. Gelukkig ging de redactie van Tegenlicht naar de VS om zijn optimistische visie op te halen. Ook figuren deze mensen in TED-filmpjes.

Een speedboot
Aan de andere kant verschenen er de afgelopen maanden een drietal boeken die met elkaar samenhangen. Drie Belgen: Paul Verhaeghe (Identiteit), Dirk de Wachter (Borderline times) en Thomas Decreus (Een paradijs waait uit de storm). Klik hier voor een artikel over deze boeken, waarin onze neoliberale samenleving wordt gefileerd. In hun ogen vallen té veel mensen in onze maatschappij buiten boord. Dirk de Wachter heeft daarvoor een beeld bedacht dat beklijft: een speedboot die steeds harder vaart, mensen vallen overboord, psychiaters proberen als redders op te treden, maar door geldgebrek volstaan ze de laatste tijd door alleen maar reddingsvesten te verstrekken. Klik hier voor een artikel.

De samenleving lijkt een speedboot te zijn. Die steeds sneller vooruitgaat omdat de economische druk daar is. En wat men niet ziet is dat er steeds meer mensen uit de boot vallen. Letterlijk. Die dan door de psychiatrische reddingsboten worden opgevangen. En meer en meer mensen in de reddingsboten. En die psychiaters die roeien maar, met korte riempjes. En dan zegt men: Hoe komt het toch dat jullie deze mensen niet onmiddellijk terug in die speedboot krijgen. Maar onze riempjes zijn zo kort. En de speedboot gaat altijd sneller.

Wat zegt de overheid dan, die reddingsboten raken te vol, het is te veel in de reddingsboten. Wij zullen nu zwemvesten leveren en voedselpakketten. Want het wordt te duur, het wordt te veel. En men bedenkt zich niet dat de vele mensen in de reddingsboten ook  te maken heeft met de snelheid van de speedboot.

Dus de efficiënte, meritocratische maatschappij creëert eigenlijk psychiatrie. Een veelheid aan psychiatrie. Waar men dan geen weg meer mee weet. Dan zegt men: Het is zoveel, zoveel miserie, zoveel psychiatrie. En dan wijst men naar de psychiater. Jullie kunnen dat niet oplossen. En ik wijs naar de wereld terug en ik zeg van laat ons toch eens kijken van waar het komt.

Het citroenpers-model maakt dat mensen niet meer kunnen volgen, dat ze teveel hebben, dat het niet meer gaat en dat de psychiaters dat niet onmiddellijk kunnen oplossen in een wereld die veel te snel gaat. 't is nogal evident.

Een containerschip
Toevallig kwam dit voorjaar een andere boot "voorbij". Een containerschip. Die net als die speedboot als een metafoor voor onze huidige tijd en wereld kan worden gezien. In een recensie in The Economist werd het boek, waarin dit schip wordt neergezet, als volgt beschreven:
As a result, argues mr. Mahbubani, the world's countries no longer resemble "a flotilla of more than 100 seperate boats", rather, "they all live in 193 seperate cabins on the same boat". The problem, he writes, is that this boat lacks "a captain or crew".

Klik hier voor een artikel over Naar één wereld : een nieuwe mondiale werkelijkheid van de Singaporese diplomaat en hoogleraar Kishore Mahbubani. Een boek dat haaks staat op het idee dat velen koesteren om als land weer (of meer) een eigen weg in te slaan; weg met de euro of Europa.

Een scharnierpunt
In de lente van 2013 kwam de vertaling van How much is enough? van econoom (vader) Robert en filosoof (zoon) Edward Skidelsky uit onder de titel Hoeveel is genoeg? Een vertaling die terecht veel aandacht kreeg. In dit boek wordt de fundamentele vraag opgeroepen hoe 'we' verder moeten. In het welvarende Westen. En met een lange reeks landen die binnen enkele jaren naar hetzelfde welvaartsniveau zullen doorgroeien. De aarde kan 'het' nu al amper trekken. Grondstoffen raken op. We stoten teveel CO2 uit. De wereldbevolking zal nog doorgroeien naar 9 miljard mensen. Veel mensen zullen straks niet meer nodig zijn in het arbeidsproces omdat hun werk zal vervallen: robots, slimme softwaretoepassingen, de meeste uiteen lopende devices en apps, outsourcing, verplaatsing van werk naar lage lonen landen enzovoorts.
Daar zitten we dan. De Skidelsky's zetten in hun boek een artikel uit 1930 centraal. Van de bekende Engelse econoom John Maynard Keynes. Die in het begin van de grote depressie van de jaren dertig van de vorige eeuw een kort artikel schreef waarin hij honderd jaar vooruit keek: Economic possibilities for our grandchildren. Hij extrapoleerde als het ware de trends die hij in zijn tijd waarnam en bedacht hoe onze samenleving er in 2030 uit zou kunnen zien. Hij voorspelde redelijk accuraat dat we veel welvarender zouden zijn. Ook voorzag hij dat we in 2030 nog maar gemiddeld 3 uur per dag zouden werken. Fout. Alhoewel, dat had het geval kunnen zijn als Keynes had geweten dat er een verschil is tussen menselijke behoeften en verlangens

Behoeften en verlangens
Elk mens heeft om te kunnen overleven behoefte aan voedsel, water, beschutting, sex, kleren enzovoorts. Maar deze behoeften zijn eindig. je kunt niet meer eten als dat je nodig hebt. Alhoewel sommigen wel een poging doen om die grens te doorbreken, maar im grossen ganzen zijn behoeften op een bepaald moment verzadigd. Dat geldt echter niet voor verlangens. We kunnen als mens oneindig veel verlangens hebben. En hebben ze ook. Zijn nooit tevreden. Willen allemaal, ieder op onze eigen manier, steeds meer. Iets anders. Iets nieuws. Minder saai. Verlangens komen uiteraard uit onszelf vandaan, maar worden in de meeste gevallen toch echt door de buitenwereld opgeroepen. Denk aan woorden als: verleiding, reclame, marketing, pr, framing, hypes, afgunst, na-apen. Who's in control?

Een ander boek
Voor de eerste literatuurlijst voor de Lezers van Stavast is een bepaald boek bewust niet geselecteerd. Qua onderwerp had het er zeker op gemoeten, maar het is voor een gemiddelde leek onleesbaar. Du mußt dein Leben ändern van Peter Sloterdijk. In 2009 in vertaling uitgekomen als Je moet je leven veranderen. Gelukkig had Biblioplus, een verwante bibliotheekorganisatie, tijdens de maand van de filosofie op een avond in april 2013 filosoof Bart Petersen gevraagd een avond te verzorgen over het thema Schuld en boete. Die avond stelde hij ons aller dilemma centraal: de aarde loopt tegen haar grenzen aan en we zullen ons gedrag dienen aan te passen. Nadat hij alle aanwezigen als het ware in die fuik (vooruit: gedachte) had laten zwemmen kwam hij met de Duitse filosoof Peter Sloterdijk op de proppen en dat boek: Du mußt dein Leben ändern. Het was een mooie avond met veel debat. In het voormalige klooster in St. Agatha, nabij Cuijk.

Een cursus
Enkele weken later spraken we in de bibliotheek in Oss met Bart Petersen. Op zeker moment gaf hij aan dat hij een cursus rondom Peter Sloterdijk had 'klaarliggen'. Diezelfde middag besloten we die cursus op te nemen in het tweede seizoen van de Lezers van Stavast. In die cursus gaan de Lezers onder leiding van Bart het boek Regels voor het mensenpark (uit 2000) lezen en wordt ingegaan op Je moet je leven veranderen. Belangrijk was (achteraf) dat deze middag het woord 'oefenen' viel. Sloterdijk wil dat we als mens gaan oefenen. Privé, op ons werk, in de buurt, club, familiekring, je dorp of stad. Oefenen om (uiteraard) iets goeds, beters op te starten, beginnen, laten ontstaan.

Tien waarden voor de 21e eeuw
In februari 2013 plaatste de bekende Engelse filosoof Alain de Botton een artikel op 'zijn' School of Life website: Ten virtues for the modern age. Klik hier voor een artikel over dit voorstel. In dit verband - het nieuwe jaarthema - is vooral zijn nummer één van belang. Opmerkelijk: niet vertrouwen, geduld of je opofferen, maar resilience = veerkracht.
In de 21e eeuw is in zijn ogen de belangrijkste waarde veerkracht. We zijn in een tijd beland waarin weinig zekerheden meer zijn. Een (vaste) baan, relatie, zicht op betere tijden, almaar doorgaande groei enzovoorts. Voorbij, o voorbij. Onze eeuw kenmerkt zich door onzekerheden, crises (meervoud), richtingloosheid, op jezelf terug geworpen zijn. Dan is een waarde als veerkracht erg belangrijk. Of zoals hij het in een info-graphic omschrijft: "moeilijkheden duiden er alleen maar op dat dingen normaal zijn", "pijn kon je verwachten" en als uitsmijter "Meestal overleven we het".

Maar, aan de andere kant
Herinnerden we ons een waarschuwing van een te jong overleden historicus, Tony Judt in zijn boek Ill fares the land (vertaald als Het land is moe) uit 2010. Waarin hij ons - de achterblijvers (na zijn dood) - waarschuwt voor een terugval naar 19e-eeuwse toestanden. Daarmee bedoelt hij dat de 21e eeuw trekken kan krijgen van de 19e eeuw. Toen er aan de ene kant een grenzeloos optimisme heerste. Doorlopend werden nieuwe ontdekkingen gedaan, nam de economische bedrijvigheid alom toe, werden mensen welvarender, trokken velen naar de stad etcetera. Maar aan de andere kant werd die 19e eeuw ook gekenmerkt door grote sociale tegenstellingen: armoede, kinderarbeid, uitbuiting enzovoorts. Tony Judt is bang dat we in de 21e eeuw bezig zijn de verschillen tussen mensen weer groter te maken. Onze welvaartsstaat af te breken. Let op uw zaak, is zijn point.
Iedereen, die wil, kan dagelijks signalen zien die Judt waarschijnlijk bedoelde.

Een week later
Kwamen we in de Osse bibliotheek in petit comité samen. Kwamn alle elementen die hierboven zijn aangestipt plus nog wat andere bevindingen voorbij. En werd wat gestoeid met titels voor het jaarthema, totdat op zeker moment dat woord - oefenen - viel.  Kort daarna was er het "bingo-moment": Oefenen voor een andere tijd.

Enkele regels om het nader te duiden
Veerkracht zullen we de komende jaren hard nodig hebben. Ons oude model is “op”. Niemand weet hoe het nieuwe er uit zal zien. Elk van ons zal binnen zijn of haar omgeving op zoek moeten naar waardevolle alternatieven. We gaan – om met Peter Sloterdijk te spreken - massaal oefenen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen