woensdag 21 januari 2015

Als het jouw beurt is

Stiekem had ik verwacht dat Jan Rotmans me vannacht rond half een, op weg naar onze auto's, ná een enerverende avond in De Lievekamp in Oss, me hetzelfde had toegevoegd als circa elf maanden eerder. In Uden. Waar hij op dinsdag 25 februari in een overvolle zaal van theater Markant bezoekers had bijgepraat over zijn kijk op onze kantelende samenleving. "Ben benieuwd naar je verslag!".

Een eerder verslag
Maar niet dit keer. Geen moedwil; zeker weten. Hij dacht er op dat tijdstip niet aan. Wist ongetwijfeld dat ik op de een of andere manier iets met deze avond zou (gaan) doen. Tijdens een telefonisch voorgesprek - een week eerder - hadden we het al gehad over dat verslag van zijn optreden in Uden. Daar was hij niet helemaal van gecharmeerd. Terecht, want ik had een iets té scherp aangezette titel gekozen en hem - met de beste bedoelingen, uiteraard - op een bepaalde manier neergezet. Negatief neergezet. Althans zo kun je het beschouwen. Een zadenkoopman in Uden. Dat 'koopman' was niet terecht. Wel van die zaden. Ik zag en zie Jan Rotmans als een van de weinigen in Nederland die in staat zijn mensen aan het twijfelen te brengen. 'Hij zaait het zaad van de twijfel". Maar heeft er zelf geen belangen bij. Ik had beter voor zaaier kunnen kiezen, maar politiek correct ben ik niet. De titel heb ik niet aangepast.

Scheuren in ons systeem
Jan Rotmans wil als wetenschapper én iemand die een standpunt inneemt burgers in Nederland na laten denken over de vraag of onze samenleving op veel punten niet moet gaan veranderen. Beter: al aan het veranderen is. Overal ziet hij krasjes, scheurtjes. Krassen, scheuren. Die duiden op het ineenstorten, wegvallen, omvallen van veel 'dingen' die nu nog zo stabiel lijken. Tegelijk ziet hij ook al jaren overal signalen van een andere tijd, economie, samenleving. We leven zoals hij het  gisteren in Oss zei in chaotische tijden. Afbraak én opkomst. Alom disruptieve tendensen; ietwat modieus en deftig geformuleerd.

Veel aanloop
In Uden zaten in februari vorig jaar ruim vijfhonderd man in theater Markant. De toegang was toen gratis; maar dan nog. In De Lievekamp zaten gisteren rond de vijfhonderd man; die zeven euro voor een kaartje over hadden. Ongewild bevestigde deze avond in Oss de teneur van de eerste Tegenlicht-uitzending in dit nieuwe jaar. Overal in het Westen lopen mensen uit om sprekers te zien, aan te horen, te ontmoeten die ergens voor staan. En waarom doen ze dat? Waarschijnlijk omdat ze snakken naar mensen die hun nek uit steken. Overduidelijk niet zomaar wat zeggen en meer doen dan twijfel zaaien. Nog eens komen vertellen hoe verschrikkelijk dit of dat fout is. Het anders moet. Nee, de belangrijkste reden voor de aantrekkingskracht van een Thomas Piketty en Naomi Klein is dat zij beiden, elk op hun eigen manier iets van een vergezicht schetsen. Ze zetten een stip op de horizon. Wekken de suggestie dat ze ongeveer weten wat er moet gebeuren om onze op talloos veel terreinen vastgelopen samenleving weer vlot te krijgen. Hoop, vertrouwen. Zij komen - anders dan veel teleurgestelde burgers - niet aan met zondebokken die overduidelijk níet verantwoordelijk zijn voor de misère waarin we verzeild zijn geraakt. Nee, zij noemen mensen, maar vaker groepen deskundigen die in hun visie overduidelijk wél (deels) verantwoordelijk zijn voor een deel van de malheur. Piketty en Klein hebben het niet over 'de Grieken', vluchtelingen in wrakke bootjes op de Middellandse Zee, de roma's of de moslims. Nee, ze verwijzen meer naar mensen in power, op plekken waar (verkeerde) beslissingen genomen worden. Of juist niet.

Een beeld is aan het kantelen
Veel mensen beginnen door te krijgen dat er iets niet klopt aan 'het verhaal' dat door veel vooraanstaande mensen wordt verteld. Een groeiende groep burgers ziet in die chaotische wereld her en der intellectuelen opstaan die een ander verhaal hebben. Anders naar de werkelijkheid kijken. Zich niet laten afpoeieren met dooddoeners, retorische trucs. Mensen die over kennis beschikken en met argumenten bestaande 'verhalen' onderuit halen. Althans - daar is t'ie weer! - twijfel zaaien. Mensen in onze verwarrende (crises)tijden op andere mogelijkheden wijzen. Ze moed inspreken. Volg je gevoelens maar. Doe iets, als je vindt dat er op dit of dat terrein (in je eigen omgeving) 'iets' niet klopt. Jan Rotmans weet dat overal geoefend wordt voor een andere tijd. IN een andere tijd.

De Nederlandse tegenhanger
Jan Rotmans kan aan dit duo worden toegevoegd. Hij begon vorig jaar in Uden aan een soort never ending tour door Nederlandse zalen en zaaltjes. Spreekt meerdere keren per week voor uiteenlopende gezelschappen. Grote en kleine groepen mensen. Vaak besloten, want bijeenkomsten voor en met burgemeesters, zorgofficials, accountants, verzekeraars of verplegers. Maar - gelukkig - ook regelmatig voor een zaal met 'normale', vrije, loslopende burgers. Zoals gisteren in De Lievekamp in Oss. Alhoewel, dat moet gezegd, er verdacht veel mensen zaten die 'iets' te maken hebben met 'de gemeente' (ambtenaren, raadsleden, wethouders, ja zelfs burgemeester Wobine Buijs).

Een technische achtergrond, maar
Deze avond werd - nog meer dan in Uden - duidelijk dat Jan met zijn technische achtergrond (wiskunde, TU Delft) niet zoals andere hoogopgeleide techneuten gelooft dat onze problemen de komende jaren, decennia allemaal opgelost zullen worden door dé wetenschap en daarvan afgeleide technologie. Jan weet dat het tempo van ontdekkingen en nieuwe (doorbraak)technologieën alleen maar zal toenemen. Jan weet tegelijkertijd ook dat dit heel veel mensen pijn zal doen.

Twee miljoen mensen
In De Lievekamp vielen twee zinnen op waaruit dat blijkt. Eerst zei hij op zeker moment (toen hij in zijn betoog zat over de chaotische en disruptieve tijden waarin we leven) dat er in Nederland op dit moment ongeveer twee miljoen mensen zijn waarmee iets aan de hand is. Zij kunnen domweg niet mee. Niemand zal ze (mijn woorden!) missen als ze er niet meer zijn. Ze kunnen (mijn woorden!) niet mee in onze complexe samenleving. Maar ze zijn er wel. Hij noemde alleen het getal en ging er niet dieper op in. Even later constateerde hij in een bijzin dat we in de komende jaren als samenleving solidariteit opnieuw zullen moeten gaan regelen. Ons uitgeklede gebouw weer moeten gaan optuigen. Hij ging daar vervolgens amper op door. Stipte wel heel even experimenten met het basisinkomen aan. Had het over onze ik-georiënteerde houding, het overheersende neoliberale model.
We zitten in verwarrende, spannende tijden. Twee generaties, daar had hij het over. Waarin we een nieuwe samenleving tot stand zullen brengen. Maar het is méér dan het implementeren van uiteenlopende technologieën. Nadrukkelijk zullen we als samenleving ook een gesprek moeten voeren om te praten over de mens. En hoe om te gaan met de achterblijvers. Kortom: debat, discussie. Als bieb zullen we ons teentje bijdragen.

Een hart onder de riem
In de zaal zaten - zoals waarschijnlijk in alle zalen die Jan aandoet - burgers die begrijpen dat onze samenleving in een overgangsmodus zit. Sommigen zijn ongetwijfeld op hun manier in hun omgeving al bezig met die andere samenleving. Maken zich druk over dit of dat, en zijn samen met anderen bezig in hun bedrijf, instelling, organisatie, buurt, dorp of regio zaken te laten kantelen. Mensen die begrijpen dat het anders moet én kan. Alleen hopen zij dat hun visie door meer mensen gedeeld gaat worden. Vooral door mensen op belangrijke posities. Beleidsmakers- en uitvoerders die niet langer, zoals nu, in de weg lopen. Niet begrijpen waarom er nog steeds zoveel bureaucratie, controledrift en zelfs wantrouwen richting hun 'gedoe' heerst. Ondernemende burgers die snakken naar bestuurders en directies van bedrijven, instellingen en organisaties die zich aan hun zijde scharen. Helpen om noodzakelijke transities goed en sneller tot stand te brengen.
Deze burgers zijn door het verhaal van Jan meer dan gesteund. Hebben het gevoel meegekregen dat ze waarschijnlijk aan de goede kant van de geschiedenis staan. "Wij liepen voorop in die transitie!"

Jouw beurt
Kort voordat Jan het podium betrad had ik het met hem nog over iets anders. Iets waar we het in Uden ook al kort over hadden gehad. Boeken. Lezen om de (complexe) wereld beter te leren kennen. In Uden merkte hij op dat té veel lezen de wereld niet verandert. Oriënteer je op de wereld (neem zo veel mogelijk relevante informatie op, door o.a. te lezen), maar DOE er iets mee. Ietwat chargerend maakte Jan een opmerking die mijn moeder vroeger ook al maakte: "Je verleest je verstand". Daar zit inderdaad wat in. Maar toch kon ik tijdens het aanmeten van zijn headset niet nalaten om backstage te informeren of Jan een bepaalde schrijver kende. Dus niet. Hij kende Seth Godin niet. Geen schande. Er zijn zo veel interessante schrijvers en boeken die ik ook niet ken. Toevallig was in december een nieuw boek van deze Amerikaanse marketing-'goeroe' verschenen. Met een prachtige titel én ondertitel. En veel quotes die zo in zijn verhaal ingebouwd zouden kunnen worden. En in het verhaal van iedereen die op zeker moment de stap heeft gezet om 'iets' te gaan veranderen. Mensen die niet langer mopperend aan de zijlijn blijven staan. Vol negativisme en 'dat het niet deugt!' Seth Godin begrijpt als geen ander dat we in de eenentwintigste eeuw leven en dat die fundamenteel anders is en zal  afwijken van de vorige. In de presentatie van Jan zitten altijd (of hij nu in Oss, Bussum of Oosterhout spreekt) enkele sheets om de verschillen tussen toen en nu aan te duiden. In de boeken en miniblogs van Seth Godin zit veel minder formeel dezelfde analyse van onze tijd.

What to do when it's your turn
Zo heet dit boek. Met als ondertitel: (and it's always your turn). En het grappige is dat Jan Rotmans op een bepaalde manier toch iets deed met de titel en centrale these van dit boek. In Oss en overal waar hij langskomt. Wat te doen als je aan de beurt bent? Én het is NU - of je het nu leuk vindt of niet - in deze verandering van tijdperk jouw tijd. Om op te staan. Iets te gaan doen. Go, make something happen!

Alleen moet niet iedereen hetzelfde gaan doen. Er zijn verschillen. Jan Rotmans maakte duidelijk dat veel beleidsbepalende figuren van toen én nu ruimte moeten maken. Zichzelf dwingen minder te sturen op controle. Mensen in hun omgeving (bedrijf, organisatie, instelling, gemeente) minder achter de vodden te zitten met regeltjes, verantwoordingsgedoe, protocollen. Dit soort mensen zouden zich (weer) moeten gaan realiseren dat 'het' niet om hun draait, maar om de mensen waarvoor ze formeel verantwoordelijk zijn of waar ze leiding aan geven. Hun rol is te faciliteren, obstakels uit de weg te ruimen, her en der wat smeerolie in dat nieuwe 'ding' te stoppen. Denk aan geld beschikbaar stellen, menskracht aanbieden of vrijspelen, regeltjes wegnemen. Af en toe een oogje dichtknijpen en niet meteen in een stuip schieten als het fout gaat of mislukt. Niet meehijgen met hijgerige persmensen die alleen maar bezig zijn om verslag te doen van zaken die gewoon af en toe fout (moeten) gaan. Sterke bestuurders. Die zich dienstbaar aan de zijlijn opstellen. Begrijpen dat zijzelf zelden inzicht in een bepaald onderwerp hebben. Vertrouwen op vaklui die hun kunstje moeten verrichten.

Stokpaarden vrijlaten
Jan Rotmans was deze avond in Oss goed op dreef. Het uurtje voor de pauze liep uit tot bijna twee uur. Maar er werd niet hoorbaar gemopperd. Integendeel, er werd goed geluisterd naar een verhaal dat - en dat begreep iedereen - nog veel langer had kunnen zijn. Als Jan dieper op dit of dat aspect zou zijn ingegaan. Jan Rotmans is een typisch voorbeeld van een man die boven de (of zijn) materie staat en op elk onderdeel of aspect dieper in kan gaan. In de pauze verlieten naar schatting een man of honderd het pand. Begrijpelijk op een maandag, aan het begin van een drukke werkweek. De rest nam rond half elf weer plaats in de zaal. Dat kwartiertje liep - natuurlijk - ook weer ruim een half uur uit. Opmerkelijk om te constateren dat hij als Rotterdammer van klare taal houdt. Er geen doekjes omwindt en duidelijk door laat schemeren dat sommige vragenstellers onvoldoende geïnformeerd zijn. Vragenstellers die zich ook onvoldoende realiseren dat Jan Rotmans niet allen een professor is, maar ook een progressor, friskijker en dwarsdenker. Zelf bedachte woorden (uit zijn Twitter-account). Waarmee hij wil aangeven dat hij zich niet waardevrij door het leven beweegt. Nee, nadrukkelijk standpunt inneemt. Wil dat er iets gaat veranderen. En als geen ander weet hij ook dat er binnen onze samenleving heel veel mensen rondlopen die bewust zand in de machine strooien. De titel van het boek van Ewald Engelen komt bovendrijven: Schaduwelite. Er zijn lobbyisten en andere meningsvormers die betaald door grote bedrijven mist rondom bepaalde zaken veroorzaken. Om te voorkomen dat de kanteling waarin we zitten zal doorzetten.

Gesticht naar huis?
En zo eindigde een mooie avond. Waarop veel Ossenaren en anderen vanuit de verre omtrek met een tevreden gevoel naar huis gingen. En sommigen zullen ongetwijfeld gedacht hebben aan de hoeveelheid werk die op hen ligt te wachten. Maar wel in het besef dat ze er niet alleen voor staan. Er is een steeds groter wordende groep die weet dat we door moeten gaan met oefenen in die andere tijd. Blij dat ze deel uit mogen maken van de generatie die deze taak tot een goed eind mag zien te brengen.

Een lang citaat tot slot, met een HOOK
Natuurlijk uit het genoemde boek van Seth Godin. Deze schrijver houdt van kort en krachtig (!). Zijn What to do when it's your turn (and it's always your turn) is een tijdschriftachtig boek. Prachtig vormgegeven. Feitelijk vertelt hij slechts één verhaal: Sta op, doe iets. Maar hij weet prachtig te variëren op dit thema. Dat - by the way - een soort natuurlijk vervolg is op een twee jaar eerder verschenen boek: The Icarus deception : how high will you fly?. Met een lege vogelkooi op het omslag.

Op pagina 142 staat het hoofdstuk Program or be programmed. Wat gaat over (veel) televisie kijken. Of ander tijdverdrijf als je Facebook-account bijwerken of games spelen. En of dat wel zo slim is. Kun je niet beter iets anders doen in die tijd?

Program or be programmed
Television demands passivity. It entrains us with the masses, alle mesmerized by a glowing electronic heart, all in sync, all in the service of what the media company wants to sell us.

Teams of people are working hard to get you hooked and keep you hooked, so they profit. Twenty or more hours not spent reading, not teaching, not connecting, not experimenting, not failing, not growing, and generally not making a ruckus. For many people, it's more than fify hours a week of not making a difference.

It's a trap that allows us to exchange our time for a place to hide out from the challenge of learning to program.

Program a computer. Program a conference. Program a blog or a book or a movie you contribute to. Make it, don't watch,

EITHER YOU'RE THE CREATOR OR YOU'RE THE AUDIENCE.
EITHER YOU'RE WAITING YOUR TURN OR YOU'RE TAKING IT.







 


Slotopmerking 1
De dame op het omslag van het nieuwe boek van Seth Godin is ene Annie Kenney, die als metaalarbeidster in het begin van de vorige eeuw in Engeland op zeker moment opstond. Het als vrouw niet langer pikte dat zij als vrouw geen democratische rechten had.

Slotopmerking 2
Jan Rotmans merkte terloops op dat op 22 februari 2015 een nieuwe uitzending van Tegenlicht met hem als hoofdgast wordt uitgezonden. Bijna twee jaar na zijn eerste 'college'. Hij merkte na afloop op dat de programmamaker hem in die aankomende uitzending wellicht té veel neer wil zetten als een 'duurzaamheidsman' (zeg maar isoleren, zonnepanelen e.d.). Terwijl hij veel meer is en weet dat het oplossen van ons energieprobleem een van de smaller problems voor de mensheid zal blijken te zijn.

Slotopmerking 3
Terwijl het publiek de zaal binnenstroomde werden op de achterwand boeken en quotes getoond. Klik hier voor deze presentatie (slideshare) en klik hier voor de literatuurlijst voor de Lezers van Stavast. Tegen de driehonderd boeken die inzicht bieden in onze complexe, kantelende wereld en hoe 'de mens' in elkaar zit. Krampachtig proberend in control te zijn.

Een voorbeschouwing: Vrachtwagen gekanteld op de A50 (november 2014)
Een ander artikel over Seth Godin: Een prentenboek voor oefenaars (mei 2014)




(dinsdag-woensdag 20-21 januari 2015)
Hans van Duijnhoven

dinsdag 6 januari 2015

Dit kan niet waar zijn

Foto: Annaleen Louwes
Op maandag 23 februari 2015 spreekt journalist Joris Luyendijk in De Linck in Oss over zijn boek Dit kan niet waar zijn. Het is een boek dat enige tijd op zich liet wachten. Het werd aangekondigd nadat hij zijn onderdompeling in The City – het financiële hart van Londen – in het voorjaar van 2013 had beëindigd. Als antropoloog heeft hij daar in opdracht van The Guardian (en NRC Handelsblad/Next) een stam bestudeerd. Bankiers, accountants, belastingadviseurs, hedgefund employees, verzekerings executives en mensen die uiteenlopende financiële ‘dingen’ regelen voor multinationals. Een bijzondere stam. Die sinds de financiële crisis van 2007-2008 onder vuur ligt. Zij hebben met hun financiële wonderproducten en ‘gegraai’ (naar geld) een immense crisis veroorzaakt. Waar zijzelf (die stam) inmiddels weinig last (meer) van hebben, maar de rest van de maatschappij wel.  Overal zijn regeringen bezig de aangerichte schade te herstellen door flink te bezuinigen op de welvaartstaat.

“Dit kan niet waar zijn”
De titel van zijn boek is waarschijnlijk een uitspraak die Joris Luyendijk tijdens zijn onderzoek in The City regelmatig heeft geslaakt.  En met hem, zijn lezers. Als hij tijdens een gesprek met deze of gene er achter kwam dat de werkelijkheid nog bijzonderder was als hij al had gedacht. In de ruim twee jaar dat Joris Luyendijk als onderzoeker rondtrok in Londen sprak hij met tientallen mensen. En deed daar in zijn wekelijkse column verslag van. Waardoor je als lezer een breder beeld kreeg van zaken die zich daar afspelen. Vaak ontluisterende verhalen. De meeste betrokkenen werden anoniem aan het woord gelaten. Beschaamd voor hun eigen gedrag en/of de repercussies van hogerhand als bekend zou worden dat zij uit de school hadden geklapt. Opvallend was dat Luyendijk met veel mensen uit ‘de industry’sprak die zich schaamden. Voor hun werk, branche, bedrijf. Het waren niet alleen mensen die  hadden moeten afhaken, of aan de kant werden gezet. Regelmatig voerde Joris mensen op die nog volop meededen met zaken die strikt genomen niet verboden zijn. Maar waar wel 'enige' morele vragen bij gesteld kunnen of mogen worden.

Zeeppompje
Iedereen die de columns van Joris Luyendijk heeft gevolgd zal een favoriet stuk hebben. Mij is vooral het verhaal bijgebleven van een man (Erinch Sahan) die voor een multinational werkte. Verantwoordelijk voor ‘de’ zeeppompjes. En dat er zo veel mogelijk winst werd gemaakt. Dat valt niet mee, want hoe kun je mensen nóg meer zeep laten gebruiken. Ze wassen zich gemiddeld genomen al genoeg. Sahan nam zijn toevlucht tot een trucje. Bedacht samen met zijn mensen een zeeppompje dat stiekem meer zeep afgeeft. Het zal niemand thuis de kop kosten, maar op het grote geheel is het wel bingo. Meer zeep, meer inkomsten. Deze meneer Sahan schaamde zich voor zijn gedrag en de wereld waarin hij terecht was gekomen. Niet tevreden zijn door een product te leveren waar behoefte aan is;  nee, mensen belazeren om meer winst voor de company te realiseren. Hij schaamde zich voor zijn werk, forse beloning en bedrijf. Stapte er uit en werkt inmiddels voor een NGO, waar hij voor Oxfam bezig is met échte veranderingen.

Een writers block?
Joris Luyendijk stopte zijn onderzoek in het voorjaar van 2013. Het heeft ruim anderhalf jaar geduurd voordat hij ‘het’ van zich af kon schrijven. Hij wilde geen boek uitbrengen met ‘slechts’ een bundeling van de beste columns. Zijn  idee was (natuurlijk) om in een boek te verwoorden wat die twee jaar hem heeft opgeleverd. Welke inzichten. Wat zit er (fundamenteel) fout? Is er sindsdien iets veranderd? Wat zou er nog meer moeten gebeuren? In het vroege najaar van 2014 liet hij via een tweet weten dat hij vast zat. Gooide op zeker moment het manuscript waar hij aan werkte opzij. En begon opnieuw. Te schrijven, te bouwen.  Of hij mijn suggestie - om de zeeppompjesman als uitgangspunt te nemen -  ter harte heeft genomen, zal blijken als het boek binnenkort uit komt. En hij in Oss langskomt.

Ewald Engelen, Marcel Metze en anderen
Deze sociaal geograaf heeft zich de afgelopen jaren vaak fel uitgesproken over de financiële sector.  In artikelen (in o.a. De Groene Amsterdammer) en in praatprogramma’s op tv. Hij is boos. Over de schade die deze sector heeft aangericht. Op het gebrek aan verantwoordelijkheid om eigen gedrag aan te passen. Boos op politici die de sector niet voldoende hebben aangepakt. Boos op burgers die ‘het’ laten gebeuren. In zijn onlangs verschenen De schaduwelite : de opkomst en ondergang van Amsterdam als financieel centrum heeft hij zijn artikelen van de laatste jaren als het ware herschreven. Joris Luyendijk bezigt een andere stijl. Laat minder doorschemeren dat hij boos is, maar probeert oprecht er achter te komen hoe deze sector bezig is. Wat ze doen. Hoe ze het doen. En waarom. Joris Luyendijk heeft evenals Marcel Metze, een journalist-onderzoeker, iets van compassie voor de mensen die werkzaam zijn in deze business. Begrijpt dat zij ook gezien kunnen worden als slachtoffer van de omstandigheden. Marcel Metze noemt het de tragiek van de manager. Die weliswaar een belachelijk hoog salaris vangt, maar aan de andere kant moet accepteren dat hij (of zij)  als een soort rat in de val zit.
Een ander boek dat over deze sector verschijnt pakt de mores in de financiële wereld mooi samen: Waardenloos. Geschreven door George Möller. In een ouder boek - De prooi : blinde trots breekt ABN-Amro van Jeroen Smit - kun je nog steeds nalezen waar deze mores vandaan komen.

Echte waarde(n)
In onze samenleving zijn veel ‘zaken’ aan het kantelen. Wordt anders aangekeken en omgegaan met zaken die jarenlang zo vast als een huis leken. Veranderingen in de zorg, het onderwijs, de energiesector, (betaald) werk, vervoer. Overal veranderingen. Vaak van onderaf. Zonder centrale sturing. Bottom up. Niet top down. Een belangrijke motor achter deze veranderingen is de vraag die deze kantelaars zichzelf stellen: wat is waardevol. Wat doet er toe. Waarom voelt het oude, vertrouwde model niet langer ‘goed’ aan. Moet er een alternatief komen. Waarom zouden we nog wachten op boven ons gestelden? We kunnen toch zelf met iets anders beginnen.
En dat is alom te aanschouwen. Overal zijn – om met het jaarthema van de Noord Oost Brabantse Bibliotheken te spreken – mensen aan het ‘oefenen in een andere tijd’.

Dit kan niet waar zijn – oefenen in een andere tijd
Op maandag 23 februari spreekt Joris Luyendijk in Oss. Over zijn boek. Benieuwd of hij daarin een voorstel doet om ‘het’ anders te gaan doen. Benieuwd of hij zich in het rijtje mensen schaart die vindt dat onze samenleving moet gaan kantelen. Dat we ‘dingen’ anders moeten gaan doen. Waarom? Omdat het oude model in deze of gene sector of branche niet meer werkt. We zijn figuurlijk gesproken tegen een muur aangestoten en er zit niets anders op dan een andere kant op te gaan bewegen. Benieuwd of hij duidelijk maakt waarom die zeeppompjes man – die ‘er’ uit stapte – het nog niet zo verkeerd heeft gedaan. En of hij ons  toehoorders toewenst, motiveert en uitrust om in onze omgeving een stap richting die andere wereld te zetten.

Meer lezen?
The bankers who traded the City for Oxfam (18 maart 2013) (The Guardian)
Managers, 80 procent kan worden bedankt (december 2012)
Normaal? - Pompjes laten ontwerpen die te veel zeep afgeven zodat mensen er meer van gebruiken. (april 2013)

Enkele andere boeken
Robert & Edward Skidelsky. Hoeveel is genoeg? : geld en het verlangen naar een goed leven (2013)
Tomás Sedlácek. De economie van goed en kwaad : de zoektocht naar economische zingeving van Gilgamesj tot Wall Street (2012)
Thomas Piketty. Kapitaal in de eenentwintigste eeuw (2014)
Michael J. Sandel. Niet alles is te koop : de morele grenzen van markt werking (2012)
Paul De Grauwe. De limieten van de markt : de slinger tussen overheid en kapitalisme (2014)

Een oud filmpje - MBA Oath 2011
Met daarin de 'uitsmijter': create real value. De vraag is natuurlijk wat 'echte' waarde heeft. Een ding lijkt duidelijk: het gedoe dat Joris Luyendijk bespreekt heeft daar weinig mee te maken.



(dinsdag 6 januari 2015)
Hans van Duijnhoven